Sep 5 2011

Voor bijrijders…

Bent u een bijrijder?
Heeft u een camera bij de hand?
Duurt de rit nog lang?
Heeft u tijd genoeg om te experimenteren?
Weet de chauffeur de weg?
U hoeft dus niet continu op een wegenkaart (of tomtom of google maps) te kijken?

Dan is de kans vrij groot dat de verveling toeslaat. Maar wees niet getreurd, ik heb dé oplossing!  Volg deze stappen en de rit is voorbij voordat u het doorheeft…

1. Pak uw camera
2. Zet ‘m aan :-)
3. Kies een sluitertijd tussen de 1/8ste en 1/30ste van een seconde (afhankelijk van de snelheid van het voertuig, zie volgend punt)
4. Zorg ervoor dat uw onderwerp niet te dichtbij en niet te ver weg is (dichtbij = relatieve snelheid te groot, ver weg = relatieve snelheid te langzaam, zoomlens gebruiken dus, want dan bepaalt ú min of meer de snelheid. Echt!)
5. Zet de autofocus op continu. Als het goed is blijft de camera de focus aanpassen op het onderwerp wat u als eerste heeft bepaald toen u de ontspanknop half heeft ingedrukt. Dit verschilt misschien per camera, maar als u verstandig bent geweest en een Nikon heeft aangeschaft werkt het zo :-)
6. Trek de camera mee met uw onderwerp. Bv: U ziet een boom, u focust op de boom, u probeert de boom in hetzelfde scherpstelgebied te houden als de initiële focus en u trekt de camera mee, zodat de boom eigenlijk niet van positie verandert in de zoeker. Dat is meetrekken.
7. Daardoor houdt de camera de focus op het onderwerp (door de continue autofocus, omdat de afstand tussen de boom en de camera natuurlijk wel verandert. Zonder continue autofocus verschuift de afstand tot uw scherpstelpunt en dus de scherpte). En door de snelheid van het voertuig en het meetrekken van de camera (= ook snelheid), gecombineerd met de iets langere sluitertijd, krijgt de achtergrond ook snelheid en bewegingsonscherpte, terwijl het onderwerp scherp blijft! Tenminste, dat is mijn theorie.
8. Als je dat een paar honderd miljoen triljoen keer probeert zou u iets zoals dit moeten kunnen krijgen:

Alles is wazig, onscherp, gekrast door de snelheid van het voertuig. Maar mijn boomstam is scherp, als enige!

Is dat cool of niet? Ik vind van wel!!!!

De instellingen:
Nikon D3
A-mode
A: f/10
S: 1/15 sec
24-70 f/2.8 @ 48 mm
iso 100


Sep 3 2011

Available light = good, Flash = bad?

Ik heb een grote waardering voor fotografen die met flitslicht strakke foto’s kunnen maken. En dan bedoel ik fotografen die her en der softboxen, paraplu’s, snoots, nog meer softboxen en andere flitslichtbronnen zo weten te plaatsen dat ze of een perfect uitgelichte (of perfect belichte? – Nee, belichting doet je camera met diafragma, sluitertijd en iso-waarde, uitlichten doe je met de lichtbronnen) foto maken of die lichtbronnen zo weten in te stellen en te plaatsen dat je niet eens doorhebt dat er flitslicht gebruikt wordt. Erg knap, erg moeilijk en dus een vak apart. Maar laten we wel wezen, een spontane foto zal het nooit worden. En daar gaat het ook niet om met dat soort foto’s en lichtopstellingen.

Als je flitslicht gebruikt via je opzetflitser (of reportageflitser) is het een ander verhaal. Je kan het niet sturen qua richting, het neemt af in intensiteit van voren naar achteren (logische eigenschap van licht, maar je moet het niet vergeten), het is vlak licht en je mag hopen dat er niet iemand met een wit shirt voorin je compositie staat. Gelukkig kan je met de camera’s van tegenwoordig dit soort ‘vies’ flitslicht best vaak vermijden door de absurd hoge iso-waardes, alhoewel je er soms niet aan ontkomt.

Fotografie is schrijven met licht, letterlijk, en wat voor licht dat dan ook is maakt niet uit. Maar fotograferen met het licht wat er op dat moment is (available light) is wel het puurst. Zoals het is ontstaan. En ik ben van mening dat dat toch de mooiste foto’s oplevert. Of in ieder geval echte foto’s. Of moet ik nog groeien? Wordt vervolgd!